Hamas weigert opnieuw zich te ontwapenen
In dit artikel:
Hamas weigert de kernvoorwaarden van het door de VS gesteunde staakt-het-vurenkader te accepteren: geen wapenoverdracht, geen openbaarmaking van de tunnelkaarten en geen ontmanteling van de militaire infrastructuur die de organisatie vóór de oorlog opbouwde. In een zondag uitgezonden verklaring bestempelden de Izz ad-Din al-Qassam-brigades demilitarisering als “uiterst gevaarlijk”, waarmee ze een onmiskenbaar kloof met Israël en westerse bemiddelaars markeerden.
Afgelopen week vonden in Caïro gesprekken plaats met bemiddelaars uit Egypte, Qatar en Turkije. Volgens berichten reageerde Hamas formeel op het ontwapeningsvoorstel door wijzigingen te eisen en te hameren op een volledige uitvoering van het staakt-het-vuren, maar zij weigerde serieus over het vrijwillig inleveren van wapens te praten. De beweging stelt dat zij eerst garanties wil voor een totale Israëlische terugtrekking en een onvoorwaardelijke toepassing van het vredeskader. Daarmee wil Hamas de voordelen van een de-escalatie oogsten zonder haar militaire slagkracht prijs te geven.
Voor Israël en veel regionale actoren is ontwapening de minimale voorwaarde voor stabiliteit in Gaza: pas zonder raketten, zware wapens en een ondergronds netwerk zou herstel, toezicht door een overgangsbestuur en uiteindelijke terugkeer naar een hervormde Palestijnse Autoriteit mogelijk zijn. VN- en westerse bemiddelaars, waaronder Nickolay Mladenov, pleiten daarom voor een gewapendvrije naoorlogse orde met wederopbouw onder toezicht. Hamas daarentegen ziet haar arsenaal als existentiële legitimatie; wapens, lanceerplatforms en tunnels vormen volgens de beweging het fundament van haar gezag en narratief van “verzet”.
Journalistieke bronnen (Reuters, NPR) meldden dat het voorgestelde akkoord de overdracht van zware wapens en het delen van tunnelkaarten omvatte — precies de punten waarop Hamas zich verzet. Ook lijkt de organisatie haar timing en reacties mede af te stemmen op bredere regionale dynamiek: berichten suggereren dat Hamas het antwoord uitstelde in afwachting van ontwikkelingen rond een gezamenlijke Amerikaans-Israëlische operatie tegen Iran, wat aangeeft dat de groep niet louter lokaal opereert maar ingebed is in een netwerk van regionale belangen.
Vooraanstaande Hamas-figuren zoals Khaled Mashaal en Musa Abu Marzouk hebben ontwapening publiekelijk afgewezen; Mashaal vatte de prioriteit van materiële capaciteit kernachtig samen met de opmerking dat één stuk ijzer meer waard is dan duizend verklaringen.
De conclusie is concreet en weinig hoopgevend voor voorstanders van een duurzame oplossing: zolang Hamas weigert de militaire middelen op te geven, blijft wederopbouw riskant en is een stabiel, ontwapend Gaza onwaarschijnlijk. Zonder demilitarisering dreigt elk herstelproject te resulteren in herbewapening en het voortbestaan van een gewapende entiteit die opnieuw kan escaleren.