Herdenking Nakba blijft klucht totdat Palestijnen Israël erkennen

dinsdag, 26 mei 2026 (15:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Op 15 mei werden in onder meer Amsterdam en Utrecht herdenkingen gehouden voor de Nakba — de massale vlucht en verdrijving van naar schatting 600.000–750.000 Palestijnen rond de Israëlische onafhankelijkheidsoorlog van 1948 — die dit jaar samenviel met Jom Jeroesjalajiem (Jeruzalemdag), waarop Joden de hereniging van Jeruzalem na de Zesdaagse Oorlog van 1967 vieren. De auteur plaatst beide herdenkingen naast elkaar en haalt historische en politieke oorzaken aan om zijn stelling kracht bij te zetten.

Hij wijst op weigering van compromissen door Arabische leiders in de jaren dertig en veertig, in het bijzonder de toenmalige moefti van Jeruzalem (vaak historisch geïdentificeerd als Haj Amin al‑Husseini), die volgens sommige historici — onder wie Philip Mattar en Wolfgang Schwanitz — weerstand bood tegen de deelvoorstellen van 1937 (Peel‑commissie) en het VN‑verdelingsplan van 1947. Die ‘alles of niets‑houding’ en het vertrouwen in steun van Arabische buurlanden zouden hebben bijgedragen aan de dramatische uitkomst van 1948, toen veel Palestijnen ontheemd raakten en Jordanië en Egypte delen van het voormalige mandaatgebied in bezit namen. Volgens de auteur lieten die staten en latere Palestijnse leiders, zoals Yasser Arafat, in de decennia daarna kansen onbenut om een eigen staat tot stand te brengen — een beeld dat hij onderbouwt met verwijzingen naar onder meer Clinton’s memoires.

De schrijver trekt een religieuze parallel: waar joden na historische verliezen tot zelfkritiek overgingen, zien Palestijnen volgens hem een neiging om verantwoordelijkheid af te schuiven. Met die vergelijking bedoelt hij dat erkenning van fouten en berouw voor hem voorwaarde zijn voor een oplossing. In dat licht stelt hij dat alleen wanneer Palestijnen geweld opgeven, berouw tonen en de Joodse aanspraak op Israël erkennen, echte vrede mogelijk is. Hij benadrukt ook recent geopolitieke ontwikkelingen — zoals de verzwakking van Hamas en vermindering van steun van Iran en Hezbollah — als een gelegenheid voor Palestijnse zelfreflectie.

De auteur concludeert kritisch dat Nakba‑herdenkingen, zolang die erkenning en berouw missen, volgens hem voornamelijk functioneren als protesterende vertoningen die de legitimiteit van Israël in twijfel trekken en het eigen falen verhullen. De tekst is een opiniërend stuk; de schrijver is lid van Hadderech, een landelijke vereniging van Messiaans‑Joden in Nederland.