Israël vecht op 5 fronten tegelijk: wat wil het land bereiken en hoe ver gaat het nog?

zaterdag, 16 mei 2026 (09:04) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Sinds 7 oktober 2023 voert Israël volgens het artikel tegelijk oorlog op vijf samenhangende fronten: Gaza, de Westelijke Jordaanoever, Libanon, Syrië en Iran. De directe aanleiding was de massale aanval van Hamas op die datum; die werd volgens sommige observatoren mede ingegeven door zorgen bij Hamas over een mogelijk Israël-Saoedi-Arabisch akkoord dat de Palestijnse zaak zou marginaliseren. Israël reageerde met een grootschalig en aanhoudend offensief dat zich intussen over meerdere gebieden heeft uitgebreid.

Gaza is het zwaarst getroffen: na de Hamas‑aanval startte een onafgebroken campagne van luchtaanvallen, grondacties en blokkades. Hoewel er later een staakt‑het‑vuren werd afgesproken, bleef het geweld doorgaan en verdriepen zich berichten over duizenden doden en uitgebreide verwoesting. Volgens het artikel ligt het aantal Palestijnse doden boven de 71.000 (een cijfer dat ook door Israëlische bronnen zou zijn bevestigd); de VN noteerde ruim 38.000 vrouwen en meisjes onder de slachtoffers. Ziekenhuizen, scholen en vluchtelingenkampen zijn geraakt, hulp geblokkeerd en experts spreken over misdrijven en de mogelijke kwalificatie genocide — het Internationaal Gerechtshof riep Israël op maatregelen te nemen om dat te voorkomen. De Gazastrook is grotendeels geruïneerd: meer dan 80 procent van de gebouwen ligt in puin, een groot deel van de bevolking is ontheemd en leeft in tenten. In de praktijk heeft Israël bestrijken van grondgebied in Gaza uitgebreid door tijdelijke ‘gele’ en extra ‘oranje’ lijnen op kaarten te trekken, waarmee controle over meer dan 60 procent van het gebied zou zijn uitgerokken en humanitaire toegang beperkt blijft.

Op de Westelijke Jordaanoever zijn geweldsuitbarstingen door het leger en vooral door kolonisten sterk toegenomen sinds oktober 2023. Het gebied blijft formeel bezet sinds 1967; ongeveer 700.000 Israëlische kolonisten wonen er tussen circa 3 miljoen Palestijnen. Het Internationaal Gerechtshof bevestigde in 2024 dat veel nederzettingen in strijd zijn met het internationaal recht, maar de bouw en uitbreiding gingen door, mede gestimuleerd door de extreemrechtse Israëlische regering. Sindsaan nam de ontmanteling van Palestijnse vluchtelingenkampen en grootschalige verplaatsing toe (in januari 2025 werden drie kampen ontruimd, 40.000 mensen raakten ontheemd), net als verwoesting van huizen, oogsten en olijfgaarden. Nieuwe wetten vergemakkelijken het privébezit van land door kolonisten, wat mensenrechtenorganisaties een de facto annexatie noemen.

In Syrië heeft Israël na de val van president Assad eind 2024 zijn greep op het zuiden versterkt en een bufferzone langs de Golan opgericht. Het controleert strategische hoogten rond de berg Hermon en voert geregeld aanvallen uit om een vermeerdering van de Iraanse invloed in Syrië te voorkomen.

Libanon werd snel meegesleept in strijd tussen Israël en Hezbollah: grensbeschietingen escaleerden tot een Israëlisch grondoffensief in Zuid-Libanon en zware luchtaanvallen, waarbij Hezbollah‑structuren en leidersites werden geraakt. Een bestand eind 2024 hield weinig stand; na een Israëlisch‑Amerikaanse aanval op Iran eind februari escaleerde het opnieuw. Israël streeft naar een brede bufferzone tot aan de Litani‑rivier en past in bezette zones methodes toe die voorkomen dat bewoners terugkeren — iets dat critici bestempelen als etnische zuivering.

Iran staat centraal als strategische tegenstander. Israël ziet Teheran als existentiële bedreiging en had al pogingen gedaan Iraanse capaciteit te ondermijnen (aanslagen en bombardementen). Voor een rechtstreekse oorlog met Iran is de steun van de VS cruciaal; in het artikel wordt beschreven hoe Israël president Trump erin meesleepte richting een open conflict dat de wereldeconomie raakte, waarna de VS probeerden zich terug te trekken en een staakt‑het‑vuren in april overeenkwam — tegen de wil van Israël.

De motieven achter dit veelvormige offensief zijn volgens de analyse niet uitsluitend veiligheidsgedreven. De regering‑politiek, met premier Benjamin Netanyahu die onder druk staat door strafrechtelijke procedures en naderende verkiezingen, heeft baat bij permanente oorlogsstemming om steun van extreemrechtse coalitiepartners te behouden. Tegelijk spelen ideologische doelen: figuren als minister Bezalel Smotrich pleiten openly voor territoriale uitbreiding — bestrijkend tot gebieden in Libanon, Syrië, de Westelijke Jordaanoever en permanente controle over Gaza — een visie die aansluit bij het idee van een Groot‑Israël en bij bijbelse narratieven die sommige rechtszinnige politici aanvoeren. Hierdoor lijkt een tweestatenoplossing in de praktijk steeds verder weg.

Internationaal blijft Israëlnauw gesteund door de VS en onderhoudt het banden met de EU, maar publieke goodwill in het Westen is geslonken en steun is afgenomen. Analisten merken op dat de militaire campagnes strategische tegenstanders niet definitief hebben uitgeschakeld: Iran’s militair vermogen grotendeels intact bleef en Hezbollah zich heeft weten te herbewapenen, wat de stabiliteit op lange termijn ondermijnt. Conclusie van de analyse is dat zolang Israël territoriale controle blijft uitoefenen over Palestijnse gebieden en delen van buurlanden, het gewapend verzet waarschijnlijk niet zal verdwijnen — en dat de huidige campagnes politieke, juridische en humanitaire risico’s en kosten met zich meebrengen die diepgaander kunnen wegen dan kortetermijnwinsten.