Ministerie van Defensie maakt weg vrij voor doodstraf in terrorismezaken in Judea en Samaria
In dit artikel:
Het Israëlische leger heeft een nieuw militair decreet ingevoerd waarmee de onlangs door de Knesset aangenomen wet praktisch wordt toegepast: veroordeelde Palestijnse terroristen in Judea en Samaria (de Westelijke Jordaanoever) kunnen voortaan de doodstraf krijgen. Het bevel trad zondag in werking nadat het was ondertekend door generaal-majoor Avi Bluth, commandant van het Centraal Commando van de strijdkrachten, op instructie van minister van Defensie Israel Katz en met mededeling van Katz en minister van Nationale Veiligheid Itamar Ben-Gvir.
De Knesset keurde op 30 maart een wet goed die de doodstraf mogelijk maakt voor niet-Israëlische inwoners van Judea en Samaria die schuldig worden bevonden aan dodelijke aanslagen. Een militaire rechtbank kan afwijken en levenslange gevangenisstraf opleggen als er volgens de rechters “uitzonderlijke omstandigheden” gelden. De wet was ingediend door parlementslid Limor Son Har‑Melech van Otzma Yehudit.
De maatregel is bedoeld om de verwachting te doorbreken dat er in de toekomst nog gevangenenruil- of vrijlatingsdeals zullen plaatsvinden voor zulke daders en om zwaardere straffen mogelijk te maken voor dodelijk geweld. Omdat de doodstraf in Israël zelden is toegepast, en civiele executies sinds het proces tegen Adolf Eichmann in 1962 uitzonderlijk zijn geweest, markeert dit een ingrijpende wijziging in strafrechtelijk beleid binnen de bezette gebieden. De stap zal naar verwachting juridische, politieke en internationale reacties oproepen en kan gevolgen hebben voor de veiligheidsdynamiek en onderhandelingen in de regio.