Nederlands verbod op producten uit Judea en Samaria treedt op 22 september in werking
In dit artikel:
De Nederlandse regering heeft bekendgemaakt dat vanaf 22 september 2026 een invoerverbod geldt voor Israëlische goederen uit Judea, Samaria en de Golanhoogten. Overtreding van het verbod kan bij opzet worden bestraft met maximaal zes jaar cel of een boete tot 103.000 euro. Het besluit volgt op een eerder dit jaar gepresenteerd regeringsplan en is volgens Den Haag bedoeld om producten uit wat de regering als illegale Israëlische nederzettingen ziet, van de Nederlandse markt te weren. Israël wijst die benaming af.
Het verbod heeft waarschijnlijk vooral gevolgen voor gespecialiseerde importeurs. Het Israël Producten Centrum (IPC) in Nijkerk, de grootste Nederlandse importeur van zulke producten, verwacht slechts beperkte impact op de totale handel met Israël, maar moet wel onder meer de verkoop van jaarlijks zo’n 20.000 flessen wijn uit de betrokken gebieden stopzetten. Klanten zouden de bestaande voorraad inmiddels grotendeels hebben opgekocht voordat het verbod ingaat.
Pro-Israëlische organisaties, waaronder Christenen voor Israël, veroordelen de maatregel als immoreel en economisch schadelijk. Zij vrezen bovendien dat de regels later kunnen worden uitgebreid naar andere Israëlische bedrijven met vestigingen in deze gebieden, zoals banken en grote ondernemingen. Voormalig CJO-voorzitter Ronny Naftaniel noemde het besluit hypocriet en een aantasting van de vrijhandel. Nederland sluit zich met deze stap aan bij een bredere Europese trend: ook Noorwegen, Spanje, België, Slovenië en Ierland hebben vergelijkbare maatregelen genomen.
De Oranjezomer: Rutger Castricum blijkt groot fan van Lil Kleine: 'Een van de beste tekstschrijvers van Nederland!'