Productenboycot van Nederland betreft slechts klein deel van handel met Israël
In dit artikel:
De Nederlandse regering maakte vrijdag bekend dat ze wil verbieden dat goederen die door Israëli’s in Judea en Samaria (de Westelijke Jordaanoever) en de Golanhoogten zijn geproduceerd, worden ingevoerd, verkocht of gekocht. De maatregel maakt deel uit van een bredere Europese veroordeling van de Israëlische aanwezigheid in die gebieden en vereist nog goedkeuring van de regeringraad om uitgevoerd te worden.
Economisch zal het voor Nederland weinig verschil maken: de export vanuit deze specifieke gebieden naar Nederland is klein binnen het jaarlijkse bilaterale handelsvolume van circa 1,4 miljard dollar. Voor een enkele organisatie kan het verbod echter directe gevolgen hebben. Het Israel Producten Centrum (IPC) van de Nederlandse stichting Christenen voor Israël (CvI) is de grootste importeur van producten uit Judea en Samaria in Nederland. Volgens voormalig directeur en honorair consul Roger van Oordt zou IPC mogelijk ongeveer 20.000 flessen wijn ter waarde van zo’n 100.000 euro niet meer mogen invoeren; dat betreft naar schatting 3–5% van de importactiviteiten van IPC uit die gebieden.
Van Oordt vreest dat het huidige initiatief het begin is van een bredere campagne die uiteindelijk ook handelsrelaties en humanitaire projecten van CvI in Judea en Samaria kan treffen. De organisatie besteedt jaarlijks honderdduizenden euro’s aan hulp voor behoeftige Joden in Israël, inclusief ondersteuning in Judea en Samaria. CvI voelt zich al langer doelwit: sinds 2019 nam de Nederlandse overheid al stappen tegen de organisatie, onder andere een boete van de NVWA voor vermeende onjuiste etikettering van producten als afkomstig uit Israël – een zaak die nog loopt in hoger beroep. Afgelopen maand werd bovendien bij het hoofdkwartier in Nijkerk een explosief tot ontploffing gebracht; het pand is vaker beschadigd tijdens anti-Israël-demonstraties.
De aankondiging viel samen met een gezamenlijke verklaring van meerdere Europese landen (waaronder Frankrijk, Duitsland, Italië en het Verenigd Koninkrijk) waarin zij de Israëlische aanwezigheid in Judea en Samaria bekritiseren. Europese kritiek op Israël is sinds de Israëlische militaire reactie op de Hamas-aanvallen van 7 oktober 2023 sterk toegenomen; die ontwikkelingen leidden tot een escalatie in Gaza en regionale spanningen. Enkele landen steunen juridische stappen tegen Israël bij het Internationaal Gerechtshof en de Europese Commissie bespreekt mogelijke verdere sancties.
Politiek en symbolisch heeft het verbod meer gewicht dan economisch: het raakt gevoelig punkt (and) raakt identiteits- en veiligheidsthema’s. Van Oordt waarschuwt dat anti-Israëlische politiek in Europa samensmelt met antisemitische sentimenten en stelt dat een boycot juist ook Palestijnen kan schaden die bij Joodse bedrijven werken. CvI zegt dat zij de maatregel juridisch zal aanvechten en dat zij doorgaat met fondsenwerving, voorlichting en steun aan het Joodse volk. De organisatie, bijna vijftig jaar geleden in Nijkerk opgericht door Karel van Oordt, functioneert naast een winkel ook als gemeenschapscentrum en belangenplatform, en wordt nog altijd geleid door familieleden. Het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken gaf geen openbare reactie op de Nederlandse aankondiging.