Ra'am-leider onder vuur nadat hij de erkenning van de Joodse staat als een „politieke noodzaak" had bestempeld
In dit artikel:
Mansour Abbas, leider van de Arabische partij Ra’am, schrijft dat Arabische partijen het Joodse karakter van Israël in de praktijk moesten accepteren om aan Knesset- en gemeenteraadsverkiezingen te kunnen deelnemen. Volgens hem is dit geen eigen eis van de Arabische minderheid, maar een politieke realiteit die door de Joodse meerderheid is opgelegd. Met zijn artikel wilde Abbas zijn pragmatische koers tegenover Arabische kiezers verdedigen. Hij benadrukte dat een andere politieke formulering de Palestijnse herinnering aan de Nakba – de Arabische benaming voor de gebeurtenissen rond de oorlog van 1948 – niet ontkent, maar ruimte moet bieden voor invloed, herstel van onrecht en een gezamenlijke toekomst.
De uitspraken leidden tot felle kritiek vanuit de regering van premier Benjamin Netanyahu. Minister van Financiën Bezalel Smotrich beschuldigde Abbas ervan via zogenoemde ‘taqiyya’ zijn werkelijke doelstellingen te verbergen. Volgens Smotrich is Ra’am, dat voortkomt uit de zuidelijke tak van de Islamitische Beweging in Israël en ideologisch geïnspireerd is door de Moslimbroederschap, erop gericht Israël van binnenuit te ondermijnen. Hij noemde Abbas een gevaarlijke tegenstander en bekritiseerde oppositiepartijen die met Ra’am zouden willen regeren.
Israëlische journalist Amit Segal stelde dat Abbas zijn recente standpunt innam nadat hij hem op 22 augustus had geïnterviewd. Abbas zei toen dat hij niet langer zou beweren dat ‘zionistische bendes Palestina hebben bezet’ en dat hij die formulering ook niet meer onderschreef.
Volgens de meeste peilingen zou Ra’am bij de Knessetverkiezingen van 27 oktober ongeveer vier zetels behalen. De partij heeft vooral steun onder bedoeïenen in de Negev, maar ook onder Arabische, Druze en noordelijke bedoeïenengemeenschappen. Ra’am verklaart bereid te zijn opnieuw deel te nemen aan een Israëlische regeringscoalitie; eerder maakte de partij deel uit van de regering-Lapid-Bennett tussen juni 2021 en december 2022.
Tegelijkertijd blijft Abbas omstreden. Hij weigerde in juli rechtstreeks te zeggen dat Hamas een terroristische organisatie is die moet worden vernietigd, hoewel hij verklaarde terreurdaden en de misdaden van 7 oktober te veroordelen. In mei 2024 had hij Hamas nog een legitiem onderdeel van het Palestijnse volk genoemd, waarna hij verduidelijkte dat daders van misdaden daarvoor moeten worden gestraft. Ook werd een aan Ra’am gelieerde organisatie in 2024 beschuldigd van het overmaken van grote bedragen aan Hamas. In december 2025 kondigde Abbas aan zich los te maken van de Shura-raad, die banden heeft met de Islamitische Beweging. Eerdere uitsluitingen van Ra’am door de Centrale Kiescommissie, in 2009 en 2019, werden door het Israëlische Hooggerechtshof teruggedraaid.
Vandaag Inside: Johan Derksen waarschuwt Mona Keijzer: 'Dát is het gevaar!'