Vier redenen waarom we de bloedleugen niet zomaar terzijde kunnen schuiven

woensdag, 20 mei 2026 (10:13) - Israel Today

In dit artikel:

Op 11 mei publiceerde The New York Times een verhaal van columnist Nicholas Kristof waarin hij beweerde dat Israël Palestijns-Arabische gevangenen opzettelijk verkracht, onder meer met honden die daarvoor zouden zijn getraind. Het oorspronkelijke artikel riep heftige verontwaardiging op bij critici die wezen op het ontbreken van geloofwaardig bewijs; volgens het besproken commentaar negeerden de krant en veel van haar linkse lezers die bezwaren grotendeels. De schrijver van het commentaar stelt dat The New York Times en haar aanhangers inzetten op de korte aandachtsspanne van het publiek en op wat hij noemt de “zelfvernietigende empathie” van liberale joden om de beschuldiging — die hij een “bloedleugen” noemt — doodgezwegen te krijgen.

Verder wordt opgemerkt dat de krant weinig consequenties lijkt te ondervinden: de aanhang applaudisseert, een mogelijke smaadprocedure heeft naar verwachting geringe kans van slagen en een protest bij het kantoor in Midtown Manhattan trok slechts weinig deelnemers. Het betoog plaatst de zaak in een breder kader van journalistieke verantwoordelijkheid en de politieke polariteit rond het Israël-Palestina-conflict, en suggereert dat sensationele aantijgingen zonder harde onderbouwing moeilijk te corrigeren zijn binnen het huidige medialandschap.