VN-rapport over 'geweld door kolonisten' is gebaseerd op vertekende gegevens
In dit artikel:
De Verenigde Naties presenteerden een nieuw rapport van de Onafhankelijke Internationale Onderzoekscommissie over zogenaamd ‘kolonistengeweld’ in Judea en Samaria (Westelijke Jordaanoever) en Oost-Jeruzalem, maar de bevindingen worden scherp bestreden door onderzoekers van het Kohelet Policy Forum. De VN-commissie — het vijfde rapport sinds haar oprichting in mei 2021 — stelt dat geweld door kolonisten toeneemt en schrijft Israël grotendeels verantwoordelijk, onder meer omdat het aanvallen faciliteert en daders straffeloos laat. Israël weigert samen te werken met de commissie; ook de VS heeft kritiek op de eenzijdigheid.
Eugene Kontorovich en Avraham Shalev betogen dat de onderliggende data onbetrouwbaar zijn. Hun analyse wijst erop dat de VN-statistieken hoofdzakelijk komen van OCHA-oPT (het VN-bureau dat humanitaire coördinatie verzorgt) en dat OCHA zelf grotendeels leunt op rapportages van Palestijnse en internationale ngo’s zoals Addameer, B’Tselem, Defense for Children International–Palestine, Al-Haq, Al Mezan en PCHR. Volgens Kohelet zijn veel van deze organisaties politiek actief en sommigen door het Israëlische ministerie van Defensie gelabeld als gelinkt aan terreurgroepen.
Kohelet stelt dat OCHA termen als ‘kolonistengeweld’ zeer ruim hanteert, waardoor incidenten van joodse zelfverdediging, confrontaties met Israëlische veiligheidsdiensten, antiterroristische acties en zelfs vreedzame handelingen worden meegeteld. Uit hun analyse zou blijken dat tussen de 98% en 99% van de geregistreerde gevallen betrekking heeft op confrontaties met de veiligheidsdiensten en niet op directe aanvallen door kolonisten. OCHA noteerde tussen januari 2016 en april 2023 meer dan 8.000 incidenten, waarvan veel relatief gering waren (bijvoorbeeld vermeende huisvredebreuk zonder slachtoffers). In Oost-Jeruzalem betroffen 1.361 van de 1.704 registraties bezoeken aan de Tempelberg; elders betroffen duizenden meldingen simpelweg het lopen of verplaatsen van Joden in door Palestijnen opgeëiste gebieden.
Kohelet wijst ook op de statistische context: het VN-overzicht voor 2025 vermeldt negen Palestijnse doden en 838 gewonde kolonisten, wat — zelfs als die sterfgevallen als moord werden gerekend — neerkomt op een laag sterftecijfer per 100.000 inwoners vergeleken met veel westerse steden. Tegelijkertijd noemt het rapport dat de UN-analyse de groei van Palestijns geweld buiten beschouwing laat; volgens Shin Bet werden in 2025 1.374 terreurplannen verijdeld en vonden 54 succesvolle aanslagen plaats, met 197 gewonden en 25 doden onder Israëli’s.
Kort samengevat: de VN-commissie concludeert dat kolonistengeweld ernstig en toegenomen is en legt hoofdzakelijk Israël de schuld; Kohelet en andere critici betwisten de methodologie en de bronselectie, noemen veel meldingen misplaatst of overdreven en vinden dat het rapport belangrijke context — zoals de toename van Palestijnse terreurdreiging — negeert.